Eerste Jan Vorstenboschlezing op 7 november

Op zaterdag 7 november organiseert Stadstuin Theresia de eerste Jan Vorstenboschlezing. Dit voorjaar overleed deze geliefde buurman. We missen hem, onze filosoof van het alledaagse. Op onnavolgbare en humoristische wijze liet Jan ons nadenken over sport, de zorg of zelfs een stofzuiger. Praktische filosofie.

Met deze lezing willen we Jan in gedachten houden en voortborduren op zijn thema. Joep Dohmen (vriend, zwager en óók filosoof) tekent voor de première van deze nieuwe, tweejaarlijkse traditie.

Tijd: Inloop 13.30. Lezing 14.00 – 14.45 uur, daarna ruimte voor vragen en een borrel.

Entree: gratis, wel vooraf aanmelden via b.vandedonk@kpnmail.nl (i.v.m. beperkte aantal plaatsen).

Door Joep Dohmen:

‘Dat mijn zorg […] vooral is uitgegaan naar de theoretische en conceptuele betekenis van zorg, moeten ze mij maar vergeven. Het bloed van de filosoof kruipt nu eenmaal waar het niet kan gaan.’

(Jan Vorstenbosch in Zorg. Een filosofische analyse, pag. 6)

Joep Dohmen

Jan Vorstenbosch (1952 – 2026) was een begenadigd en veelzijdig sociaal- filosoof. Hij was eerst en vooral de voetballende denker die boeken schreef over autonomie en informed consent, over aandacht en zorg, over huishoudelijke apparaten en de invloed van technologie op het dagelijks leven. En natuurlijk over voetbal. In zijn laatste jaren stond het begrip praktijk bij hem centraal.

Bovendien vertaalde Jan vanaf 2010 een viertal stevige boeken: Paul Woodruffs Het Ajax-dilemma; Bollnows Mens en ruimte; en twee boeken van Helmut Plessner: Grenzen van de gemeenschap, en Macht en menselijke natuur. Daar schreef hij telkens degelijke en heldere inleidingen bij.

In mijn lezing over het werk van Jan zal ik een overzicht geven van de denkweg die Jan vanaf zijn doctoraalscriptie over de pedagogie van Jean Jacques Rousseau tot en met zijn postuum verschenen boek over zijn geliefde voetbalclub KS Broekhoven is gegaan. Dat was allesbehalve een makkelijke weg. In mijn visie was Jan zowel een analytisch als holistisch denker die elk fenomeen vanuit zoveel mogelijk perspectieven wilde benaderen. Zijn bloed kroop inderdaad steeds ‘waar het niet kon gaan.’